Home » Preken 2020 » Overweging zesde zondag van Pasen

Overweging zesde zondag van Pasen

Het lijkt haast wel of we vandaag al het feest van de Drie-eenheid aan het vieren zijn. Maar dat duurt nog even tot na Pinksteren.

16 mei 20202

Schriftlezingen: Hand. 8,5-8.14-17; 1 Petrus 3,15-18 en Joh. 14,15-21(A)
In het evangelie horen we Jezus praten over de Vader, over zichzelf en over de heilige Geest. Het lijkt haast wel of we vandaag al het feest van de Drie-eenheid aan het vieren zijn. Maar dat duurt nog even tot na Pinksteren. Maar toch staat de heilige Geest helemaal centraal. En dat is ook heel belangrijk. Ook in de eerste lezing komt die ter sprake: de mensen in de stad Samaria hadden het geloof in de Drie-Ene God aangenomen. En op gezag van de rest Petrus en Johannes daar naartoe gestuurd om een gebed over het uit te spreken, opdat zij de heilige Geest zouden ontvangen!

En het was nodig dat die Geest zou komen, want Jezus zelf was niet meer in hun midden. De heilige Geest is nodig, ook nu nog, om de zaak van Christus voort te kunnen zetten; het is zijn Geest. In die Geest zal zijn gemeenschap van gelovige mensen, de Kerk, voortgaan met het werk waarmee Jezus begonnen was. Die Geest leert ons hoe Jezus is, wat Hij zou doen. En wat we nu moeten doen.

Onze kerken zijn leeg in deze coronacrisis. En dat staat zelfs symbool voor de leegte in de kerk in het algemeen, stelt de bekende Tsjechische priester Thomas Halik. Wij, christenen zouden deze tijd daarom moeten aangrijpen voor een radicale verandering van kerk en christendom, betoogt hij. Een snelle terugkeer naar het normale ziet Halik niet gebeuren. Na deze mondiale ervaring zal de wereld niet meer hetzelfde zijn als voorheen. En dat zou ook niet zo moeten, volgens Halik.

We staan hoe dan ook voor een grote uitdaging. Paus Franciscus vindt dat de kerk een veldhospitaal moet zijn. Dus niet geïsoleerd van de wereld, maar buiten zijn grenzen moeten treden. De Kerk zou dus voorop moeten lopen om hulp te bieden aan mensen die getroffen zijn op wat voor manier dan ook. Dus zelf zorg aanbieden, zoals de Kerk dat vanaf haar begin gedaan heeft. Maar om een goed veldhospitaal te zijn moet de Kerk ook andere taken vervullen. Ze moet kunnen wijzen op ‘de tekenen van de tijd’, ze zou moeten helpen om de mensen immuun te maken voor angst, haat , populisme, vreemdelingenhaat, antisemitisme en nationalisme en ze zou de mensen moeten helpen trauma’s te verwerken door middel van vergeving en verzoening. En zo zijn er de afgelopen maanden wereldwijd overal kerken, synagogen en moskeeën en tempels gesloten. Halik ziet in al die lege en gesloten kerken een teken én een uitdaging van God. Maar om de taal van God te kunnen begrijpen is de kunst van de onderscheiding der geesten noodzakelijk. Wat komt van God en wat niet? En is er misschien een einde gekomen aan een bepaald hoofdstuk van het christendom en is het tijd om ons voor te bereiden op een nieuw hoofdstuk? In het kader van de parochievernieuwing heb ik al vaker opgeroepen dat onze missionaire beweging begint bij het zelf weer leerling van Jezus willen worden en daarna pas de wereld te bekeren. Veranderen van een statisch christen zijn in een dynamisch christen worden. In het verleden zijn er tal van bewegingen geweest die een nieuwe impuls aan de Kerk en het christendom gaven. De opleving van de mystiek heeft de weg vrij gemaakt voor de reformatie, zowel de protestantse reformatie als de katholieke reformatie van de jezuïeten en de Spaanse mystici Johannes van het Kruis en Theresia van Avila. Contemplatie en onthouding van kerkelijke vieringen hebben in het verleden vaak juist als een stimulans gewerkt om tot stilstand te komen en tot reflectie te komen. Dus om te komen tot een wending naar het hart van het evangelie, de diepte in. En dat is dus iets wat we hoe dan ook moeten gaan doen. Met Pasen hoorden we: ‘Hij is niet hier. Hij is opgestaan. Hij is voor jullie uit gegaan naar Galilea’. Onze vraag zou dus nu moeten zijn: waar bevindt zich het hedendaagse Galilea, waar we de levende Christus kunnen ontmoeten? Aan het begin van de kerkgeschiedenis maakte de vroege Kerk van joden en heidenen de vernietiging van de tempel mee. De joden vonden daarop een creatief antwoord: het altaar van de verwoeste tempel vervingen zij door de tafel van het joodse gezin, het offergebruik vervingen ze door het persoonlijk en gemeenschappelijk gebed. Brand- en bloedoffers vervingen zij door de offers van de lippen. Rond diezelfde tijd zocht ook het vroege christendom dat was verbannen uit de synagoge zijn nieuwe identiteit. Op de ruïnes van de traditie leerden de joden en de christenen de oudtestamentische wet en profeten nieuw te lezen en uit te leggen. Bevinden wij ons niet in een soortgelijke situatie? En weten wij nu ook nieuwe wegen te vinden?

Zien wij deze moeilijke en nare tijd dus ook als een oproep om Christus opnieuw te zoeken. Laten we de levende niet onder de doden zoeken, in een terugkeer naar het vergane verleden. Laten we hem moedig en vasthoudend zoeken en niet in de war raken als Hij ons als een vreemde voorkomt. We zullen Hem herkennen aan zijn wonden, aan zijn stem, wanneer Hij tot ons spreekt, aan de Geest, die vrede brengt en angst verjaagt.

Amen.
© 2020 Sandor Koppers