Home » Preken 2020 » Overweging Christuskoning

Overweging Christuskoning

Hoogfeest van Christus, Koning van het heelal. De zondag die het kerkelijk jaar afsluit.

22 november2020

Schriftlezingen:  (Ez. 34,11-12.15-17; ps..23; 1 Kor. 15,20-26.28 en Mt. 25,31-46)(A)

Wij vieren vandaag het hoogfeest van Christus, Koning van het heelal. De zondag die het kerkelijk jaar afsluit, is als het ware de letterlijke bekroning van het hele liturgische jaar. En toch vraagt dit feest om verder te kijken dan we vaak gewoon zijn te doen.

De naam van dit feest duidt op de grootsheid van Jezus: Hij is de grote Koning van al wat bestaat, Zoon van de Allerhoogste en vanaf de grondvesting, vanaf de schepping bij alles betrokken. Hij is God zelf, Hij is de Christus. En dat is een grootsheid die eigenlijk voor ons mensen niet te bevatten is. Maar soms, soms heb je van die momenten waarop die grootsheid je opeens overvalt. Soms is dat in grote dingen, soms juist in kleine momenten. Ze zijn er zomaar ineens en ze zijn ook zo weer verdwenen. Misschien hebt u ook wel eens zo’n moment meegemaakt. Toen u stil in een kerk of kapel zat, zomaar na de Mis, of ergens op een stil moment door-de-weeks. Opeens was het er: dat gevoel dat God heel dichtbij was in het licht dat door de kerkramen naar binnen viel en precies op die speciale plek viel. Of misschien was het dat moment toen je in de Zwitserse of Franse Alpen bovenop een bergtop het majestueuze landschap zag en jezelf toen heel klein voelde, maar ook wel dankbaar dat je dit moment, deze ervaring, gegeven was.

Momenten van grootsheid, momenten van diepe, intieme ervaringen van Gods nabijheid. Het is eigenlijk niet onder woorden te brengen. God die zo groot en ongrijpbaar en onbegrijpelijk is, maar die zich toch in dit soort momenten laat ervaren. In feite wordt dit allemaal gevierd op dit feest van Christus, Koning.

Maar dat is niet het enige. We vieren dit feest ook tegen de achtergrond van Matteüs 25, tegen de achtergrond van de Bergrede, dat wil zeggen tegen de achtergrond van de vraag hoe iedere mens, christen of niet-christen, kerkelijk of niet-kerkelijk, tegenover zijn hulpbehoevende naaste staat. Hoe de individuele mens om is gegaan met de noodlijdende medemens. Heeft hij concrete daden van liefde laten zien of niet?

Er is dus enerzijds de grootsheid en almacht van Christus, Koning van het heelal en anderzijds de aanwezigheid van de Heer in de gebroken en lijdende mensen om ons heen, ja misschien zelfs in ons eigen leven. En is Christus, Koning alleen maar een mooie triomfale voorstelling van hoe en wie God is of is het meer dan dat?

Dat antwoord is aan ons. Het is aan ons: horen we de lezingen van dit feest en deze preek aan en gaan we na de Mis over tot de orde van de dag? Of laten we deze woorden toe in ons hart, nemen we ons doopsel en vormsel, onze roeping serieus en laten we ons met de zegen en de wegzending aan het eind van deze viering ook daadwerkelijk de kerk uitlopen in de vaste overtuiging door de Heer gezegend te zijn om zijn woorden concreet te maken in de wereld van vandaag. De wereld waarvan we maar al te vaak de gebrokenheid zien en ervaren.

Volgende week begint de Advent, de tijd van voorbereiding op het feest van Kerstmis, hoe onwezenlijk dat in deze coronatijd ook klinkt. Maar met het Kerstfeest vieren we hoe God mens wordt en onder ons komt wonen. Hij wordt letterlijk één van ons. Maar na zijn dood en verrijzenis verdwijnt Hij niet. Sterker nog: Hij wordt zichtbaar juist in het kleine, schijnbaar onbeduidende. Hij wordt zichtbaar in die Afrikaanse vrouw die kilometers ver moet lopen voor schoon drinkwater. Hij wordt zichtbaar in de man die door relatieproblemen en door de coronacrisis zijn bedrijf failliet ziet gaan en nu van de voedselbank afhankelijk wordt. De Heer komt naar ons toe als de vluchteling uit Syrië, waar niemand op zit te wachten en die van het kastje naar de muur wordt gestuurd. We kunnen Hem vinden in de gevangene die door een domme fout van het rechte pad is afgeweken en nu moet brommen of in de voor zijn leven vechtende patiënt op een IC-afdeling van een ziekenhuis. Zo komt de Heer ons tegemoet! Zo is Koning Christus onder ons aanwezig in deze wereld.

We vieren dus een paar dingen dit weekend: de grootsheid van Christus, maar ook zijn aanwezigheid in hele kleine mensen in nood. En we vieren dat de Heer zelf ons de opdracht heeft gegeven naar Hem op zoek te gaan juist in die kleine mensen. Gelukkig mogen we daarbij erop vertrouwen dat wij daarvoor weer de kracht ontvangen om die opdracht aan te kunnen. We worden gevoed door zijn eigen Lichaam en Bloed, zodat wij in staat zijn om het kleine en onooglijke groot te maken en het belang van ieder mensenleven te tonen aan de wereld. Zo mogen we bouwen aan dat Koninkrijk van God en zo kunnen we dit Rijk zichtbaar maken in het hier en nu.
Amen.

Amen.
© 2020 Sandor Koppers