Home » Preekarchief » preken 2016 » 18 december 2016

18 december 2016

OVERWEGING VIERDE ZONDAG VAN DE ADVENT,
ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE, 18 DECEMBER 2016
(Jes. 7,10-14 en Mt. 1,18-24)(A)

Vorige week waarschuwde ik in navolging van een collega dat wij moeten oppassen voor cynisme en wanhoop. Cynisme en wanhoop m.b.t. de samenleving waarin wij wonen en m.b.t de Kerk die wij vormen. Dat het toch allemaal niets wordt of dat het toch allemaal op z’n end loopt. Zo denken is de dood in de pot! Geeft nooit op! Houdt vol! Het is nu misschien nog niet zichtbaar, maar het is er wel en blijft geloven dat Gods Geest groeikracht kan geven aan iets dat nu nog onzichtbaar is.

Eigenlijk is dat ook de kern van wat geloven is: erop vertrouwen dat God er is en dat Gods beloften uitkomen. Hij heeft beloofd dat Hij zijn Kerk en ons niet in de steek zal laten. En Hij neemt het initiatief op de door Hem vastgestelde tijd. En dan maakt Hij het onmogelijke mogelijk want Hij kan van deze stenen kinderen van Abraham verwekken. Voor God is niets onmogelijk. Dat is geloven: geloven dat voor God niets onmogelijk is en dat Hij trouw blijft aan zijn belofte.

We bevinden ons op deze vierde zondag van de advent in een bijzondere situatie, want het wordt duidelijk hoe God trouw wil blijven aan zijn belofte. Hoe wil Hij dat doen? Door zelf naar de aarde te komen en mens te worden en de wereld te redden uit haar zonden. Onszelf redden kunnen wij niet, het is Gods Zoon die ons zal redden. Maar Hij dient daarvoor wel mens te worden en de Mensenzoon dient ingebed te worden in een menselijk en koninklijk geslacht. Dat is ook de reden waarom Matteüs zijn evangelie begint met een lange geslachtslijst, die leidt van aartsvader Abraham, via koning David naar de tijd van Jezus. Om daarmee aan te geven dat Jezus een nazaat is van David. En wie is de laatste persoon die in die geslachtslijst wordt genoemd? Juist Jozef! Hoewel hij niet de biologische vader van Jezus is, loopt de afstamming van Jezus toch via hem. Jozef was dus weliswaar niet de biologische vader, maar wel de juridische vader. En Jozef geeft Jezus daarmee verbinding met het huis en het geslacht van David. Jozef wordt daar heel speciaal door God voor gevraagd: neem Maria tot jouw vrouw, en aanvaard ook het kind, dat dus niet zijn kind was. Zodat Jezus in de lijn van vader op zoon komt te staan, beginnend bij David tot aan Jozef. Tegelijkertijd is het zonneklaar dat Jezus de Zoon van God is, dat blijkt uit zijn maagdelijke geboorte uit Maria en het ingrijpen van de heilige Geest.

Wat wil ons dit zeggen? Ten eerste dat het volk van God erop mag vertrouwen dat Gods beloften uitkomen. Maar ook dat dit alleen gebeurt als God het initiatief neemt. Het gaat niet vanzelf, de mensen kunnen het niet op eigen kracht. De familie van David kon niet zelf de Redder verwekken: daarvoor was Gods ingrijpen noodzakelijk. God breekt daarmee door alle menselijke en biologische wetmatigheden heen en maakt op die manier alles anders en alles nieuw.

Alleen jammer voor Jozef. Hij blijft in het hele gebeuren rondom de geboorte van Jezus een persoon op de achtergrond. Alles draait natuurlijk om Jezus, Gods Zoon die op aarde komt. En Maria, vol van genade, de vrouw die Hem ontvangt en daarmee de Moeder Gods wordt. Maar Jozef? Hij is niet de vader van Jezus, want het is de heilige Geest die de vrucht in Maria’s schoot deed groeien. Hij hoefde zelfs niet na te denken dat hij misschien toch iets had bijgedragen, want Maria was maagd en is dat altijd gebleven. Aan Jozef wordt alleen maar gevraagd om voor het Kind en zijn moeder te zorgen. Een verzorger te zijn dus. Het centrale geloofsmysterie daar staat Jozef buiten, zoals hij ook in de kunst vaak op de achtergrond staat.

Maar toch is Jozef niet onbelangrijk. Toch heeft hij een belangrijke rol. Hij is er om Jezus de menselijke afstamming te geven. U weet dat in Christus twee werkelijkheden samenkomen: die van het menselijke en van het goddelijke. Christus is volledig God en volledig mens. En dat betekent dat Hij ook twee afstammingen heeft: een goddelijke en een menselijke. Van eeuwigheid af is Hij de Zoon van de Vader en midden in de winternacht werd Hij als mens geboren, als zoon van mensen. En zodra Jozef deze boodschap van de engel begrijpt dat het de Heer is die dit heeft gedaan, gooit hij het roer om en past hij al zijn eigen plannen aan en werkt hij mee met het plan van God. Jozef staat open voor het geheel nieuwe dat God in zijn leven komt brengen en in het leven van heel het volk Israël.

Daarin mogen wij Jozef als voorbeeld nemen. Dat ook wij in ons leven niet cynisch of defaitistisch worden, maar open blijven staan voor het kleine dat er misschien nu al groeit. Jozef is daarom ook uitgeroepen tot patroon van de Kerk: want zoals Jozef open stond voor de werking van God moet ook de Kerk daarvoor open staan en is zij geroepen om Gods plan uit te voeren, terwijl dat plan soms zo moeilijk zichtbaar en begrijpelijk is? Het geloof leert ons dat wij dan Gods Geest moeten laten werken. Geef ruimte aan de Geest. Onszelf redden kunnen wij niet, maar het is Gods Zoon, Jezus, die ons zal redden uit onze zonden. Volgen wij Jozef dan ook na in zijn openheid voor de werking van de heilige Geest en laat het kerstkind onze leidsman ten leven zijn.
Amen.
© 2016 Sandor Koppers