Home » Preekarchief » preken 2016 » 21 februari 2016

21 februari 2016

OVERWEGING TWEEDE ZONDAG VAN DE VEERTIGDAGENTIJD,
ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE, 21 FEBRUARI 2016
(Gen. 15,5-12.17-18 en Lc. 9,28b-36)(C)

Waarom komen wij hier bij elkaar? En wat denken wij hier te vinden? Natuurlijk om elkaar te ontmoeten of omdat we ons even willen bezinnen en de stilte zoeken. Maar dat kun je natuurlijk op zoveel plaatsen zoeken en vinden. De Kerk is vanouds de plaats waar je God kunt vinden en ontmoeten. Hier wordt zijn verhaal levend gehouden. Ofschoon Hij altijd het initiatief neemt en de gastheer is. En twee treffende verhalen zijn ons vandaag onder de aandacht gebracht. God stelt zich vandaag aan ons voor: in de eerste lezing en in de evangelielezing. Die onnoembare, ongrijpbare, niet in woorden te vatten God laat zich in die twee verhalen horen en zien. Als een stem en ‘een rokende oven en een vurige fakkel die tussen de stukken offervlees doorging’. En in Jezus op de berg in een verblindend wit kleed samen met Mozes en Elia en nu ook weer een stem.

En het is te groot voor ons. Te onbegrijpelijk. Te ongrijpbaar.

Want wie is Jezus? Dat is een vraag die wij in het kader van de nieuwe evangelisatie heel goed moeten kunnen beantwoorden. Wie is die man met wie wij zo’n bijzondere band zeggen te hebben? Is Hij een bijzonder mens van wie je kunt leren hoe je een goed mens kunt zijn? Is Hij een groot profeet? Of is Hij God uit God, zoals de geloofsbelijdenis zegt? Die vraag moeten we correct en juist kunnen beantwoorden!

Toen Jezus op de berg was, klonk de stem van God uit de hemel. God de Vader stelde Jezus voor aan Petrus, Johannes en Jakobus. En wat zei God? ‘Dit is mijn Zoon, de Uitverkorene, luistert naar Hem’. God bevestigde de diepste identiteit van Jezus: Hij is de Zoon van God. De drie leerlingen kregen dus iets heel belangrijks onthuld. Iets heel belangrijks, maar ook iets heel onbegrijpelijks. Denkt u dat zij dat ook inderdaad meteen begrepen? Nauwelijks. Er zijn tal van voorbeelden waaruit blijkt dat ze maar amper begrepen wie Jezus was. Pas nadat het Nieuwe Testament geschreven was en er honderden jaren overheen gingen van discussie, ruzie en gebed vond de Kerk pas de juiste woorden en het juiste inzicht om het mysterie van de identiteit van Jezus goed te kunnen omschrijven. Maar het blijft groter dan wij ooit kunnen vatten.

Jezus straalt op de berg in goddelijk licht. De stem van de hemelse Vader noemt Hem ‘mijn Zoon’. Jezus is dus God! En dat Hij God is blijkt in de evangeliën uit de wonderverhalen, uit zijn wondere kracht om mensen te genezen. Maar vaak trekt Jezus zich vervolgens weer ongezien terug en verbergt Hij zijn goddelijkheid. En heel af en toe horen we een stem uit de hemel. Jezus blijft bescheiden met zijn goddelijkheid. De heilige Pastoor van Ars zei het eens zo: ‘Door zijn menswording heeft God zijn goddelijkheid verborgen om zichtbaar te worden voor onze ogen’, dus God verborg zijn goddelijkheid in Jezus, en dan niet opdat wij Jezus alleen als een goed mens zouden zien, maar opdat wij in en achter die menselijkheid van Jezus zouden ontdekken wie God is.

Dat zijn goddelijkheid voor velen verborgen blijft en moeilijk te begrijpen is, is niet nieuw. Dat was in Jezus’ tijd het geval en in onze tijd. Want als je het evangelie leest, zie je dat het optreden van Jezus mensen voor een keuze stelt: of je wordt door Jezus aangetrokken of je ergert je aan Hem. Telkens gaat het over wie Hij is. En als wij niet willen of kunnen beseffen dat Jezus God is, dan houdt het op. Dan is Jezus alleen een profeet van de menselijkheid die tragisch aan zijn einde kwam. Maar als je gelooft dat de gekruisigde Jezus God is, dan ga je zien en ontdekken dat God goed is voor alle mensen, voor goede en slechte, en dat Hij verlossing brengt.

En op de berg spreekt Jezus met Mozes en Elia. Waarover spraken zij? Over zijn ‘heengaan’. Wonderlijk is dat: de Zoon van God gaat lijden! Onbegrijpelijk voor velen: hoe kan Jezus God zijn en ook nog eens sterven? Dat klopt toch niet: een uiterst pijnlijke dood en goddelijkheid? Zo gezien is het niet vreemd dat andere godsdiensten, zoals de islam, het geloof in een gekruisigde God niet kunnen aanvaarden. Want zij geloven dat God alleen machtig kan zijn, één en al majesteit en kracht, volstrekt verheven boven alles. Zij kunnen niet aanvaarden dat God een Liefde is die zich geeft en die toelaat dat Hij geboeid wordt, geslagen en gekruisigd. Zo kan God toch niet zijn? En diep in ons hart kunnen wij het er zelf ook wel eens moeilijk mee hebben. Dat blijkt uit de wanhopige vraag van een lijdende mens in het ‘waarom toont God zijn macht niet in mijn ellende, in deze oorlog? Waarom grijpt Hij niet in?

Jezus sprak met Mozes en Elia over zijn ‘heengaan’. Het Griekse woord dat de evangelist Lucas hier gebruikt is het woord ‘exodus’, naar de naam van het tweede Bijbelboek, dat gaat over de uittocht van het volk Israël uit de slavernij in Egypte naar het Beloofde Land. Juist dit veelzeggende woord gebruikt Lucas als hij schrijft over het sterven van Jezus in Jeruzalem: Jezus’ heengaan was een uittocht, een bevrijding, zoals de uittocht uit Egypte voor Israël een bevrijding was uit de slavernij. De weg van Jezus door de dood heen is een bevrijding uit de macht van de dood, niet alleen voor Jezus zelf, maar voor de velen die leven uit Hem.

De drie apostelen hebben Christus’ glorie gezien en werden zelf omhuld door de wolk van Gods aanwezigheid, zodat een heilige huiver hen beving. Diezelfde drie waren in de Hof van Olijven. Zij zagen de Zoon van God dus in goddelijke glorie én zij waren bij Hem in momenten van angst en lijden. Daarmee leerden zij dat de momenten van angst en dood ten volle omarmd worden door de mensgeworden God. Ja, Gods leven is compatible met heel ons menselijk leven, inclusief de verschrikkingen. Daarom hoeven we ook niet bang te zijn dat God verdwijnt of verdwenen is in tijden van mislukking, pijn of twijfel, marteling of dood. Als wij zijn glorie op de berg hebben gezien, weten we, dat met welke moeilijkheden wij ook te maken krijgen, God bij ons is. Want ook in het lijden omarmt Christus de wereld en laat Hij niet los

Amen.
© 2016 Sandor Koppers