Home » Preekarchief » preken 2016 » 4 december 2016

4 december 2016

OVERWEGING TWEEDE ZONDAG VAN DE ADVENT,
ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE, 4 DECEMBER 2016
(Jes. 11,1-10 en Mt. 3,1-12)(A)

Het komende jaar 2017, maar mogelijk ook dit weekend al, zal wel eens een hoop turbulentie kunnen gaan geven. Er staat morgen namelijk een referendum in Italië en volgend jaar in verschillende Europese landen verkiezingen op de agenda. Verkiezingen die wel eens tot grote veranderingen zouden kunnen leiden. En die door veel mensen worden gezien als het maken van schoon schip ten aanzien van de heersende politieke partijen en politici. Want onze wereld wordt inderdaad geteisterd door tal van problemen van verplaatsing van werk naar verre oorden, maar ook van uitputting, van vervuiling en verwoesting. In deze wereld vieren wij, christenen de advent. We vieren de verwachting van iemand die komt om te redden. In deze wereld laten wij ons toespreken door een profeet als Jesaja, die zegt: mensen, berust er niet in, er ís toekomst voor de wereld. Er zál gerechtigheid komen in de wereld… De armen zullen op den duur níet het onderspit delven, want ‘de kleinen zal hij recht verschaffen’. De plunderaars van deze wereld hébben niet het laatste woord’, ook al lijkt dat zo. Het kwade zál niet de eindoverwinning behalen, want ‘hij zal de boosdoener doden met de adem van zijn lippen’. Oorlogen zullen wijken voor vrede en liefde, want ‘dan hebben koe en berin vriendschap gesloten; hun jongen liggen naast elkaar, en de leeuw vreet hooi met het rund’. De vijandschap tussen aarde en mens zal veranderen in harmonie en respect, want ‘de gehele aarde zal vervuld zijn met liefde tot God’.

Tot deze verwachting worden wij vandaag opnieuw opgeroepen. Die toekomst is het waar we naar mogen uitzien. Maar die toekomst zal niet zomaar uit de hemel komen vallen. Hij is voorzien, hij is ons voorgespiegeld, maar het zal strijd kosten, verandering vragen, eventueel ook door uw stem in het stemhokje.

Een nieuwe twijg aan de stronk van Isaï, een messiaanse koning die eindelijk gerechtigheid doet en een paradijselijke vrede tot stand brengt en het rijk der hemelen dat nabij is. Maar er wordt daarbij onderstreept dat wij zelf al het nodige moeten doen om die dag naderbij te brengen: ‘Bekeert u, bereidt de weg van de Heer, maakt zijn paden recht’. Of om het wat moderner te zeggen: we zullen onze eigen verantwoordelijkheid op ons moeten nemen.

En dat is precies waar het in de adventstijd over gaat: de komst van de Heer verwachten én die komst gaandeweg verhaasten door daden van gerechtigheid. Johannes noemt dat ‘bekering’. Maar waar is dat eigenlijk ‘bekering’ en waar begint bekering eigenlijk mee? Het begint met jezelf een vraag stellen. En dan die vraag aan anderen stellen. Het begint dus bij jezelf, met vragen stellen. Misschien hebben we daar profeten en dichters voor nodig zoals Jesaja, die ons het grote feest van licht en vrede voorspiegelen, ons er warm voor maken. Maar dat is niet het enige. Want daarna komt het verzet, het doen, de praktijk. Daarvoor zijn mensen nodig als Johannes de doper, die ons aansporen de handen uit de mouwen te steken en te kappen met een doodlopende weg.

Johannes maakt dus duidelijk dat het de mensen zijn die moeten veranderen. Maar verder kan hij ook niet gaan. Hij kan ze slechts dopen met water om hun bekering voor te bereiden. Dat is alles wat hij kan doen. Er is een machtiger iemand voor nodig. Iemand die sterker is dan hij. De kracht die voor de nieuwe aanpak nodig is kan Johannes niet geven. Die moet komen van iemand die ‘vol is van de geest van God, de geest van wijsheid en verstand, de geest van raad en heldenmoed. Die moet komen van iemand die vol is van de geest van liefde en ontzag voor God’, kennis van God. En dat betekent heel concreet: iemand die opkomt voor armen en misdeelden. Iemand die gerechtigheid, trouw en onkreukbaarheid in het vaandel draagt.

Jesaja moge ons helpen zijn en onze dromen te handhaven en te koesteren: de droom van een koning die bezield is met de geest van God en die een rechtvaardig beleid voert en ons leidt naar een paradijselijke vrede. Johannes de doper helpe ons te doen wat er gedaan moet worden. Gerechtigheid doen. Zorgdragen voor kleine mensen. Eensgezind zijn. Je bekeren en de weg van de Heer bereiden. En Jezus, de komende die we verwachten, moge ons dopen met de heilige Geest en met vuur. Met liefde. Dat wij zo handelen en zo worden dat de onvruchtbare vijgenboom bij ons nog een kans krijgt, dat het onkruid bij ons samen met de tarwe mag opgroeien. Zo kunnen wij gaandeweg, werkendeweg, de komende tegemoet zien. Want dat rijk der hemelen, dat feest van licht en vrede, komt er, niemand kan zijn komst tegenhouden. Maar om dat rijk te ervaren moet je je bekeren, de weg van de Heer bereiden, zijn paden recht maken.

Amen.
© 2016 Sandor Koppers