Home » Preekarchief » Preken 2017 » 23 april 2017

23 april 2017

OVERWEGING TWEEDE ZONDAG VAN PASEN, ZONDAG VAN DE GODDELIJKE BARMHARTIGHEID,
ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE, 23 APRIL 2017
(Hand. 2,42-47 en Joh. 20,19-31)(A)

Kunnen wij het ons voorstellen: hoe de leerlingen van Jezus elkaar na zijn dood aan het kruis opzochten en steun zochten bij elkaar? Ze konden nog niet goed begrijpen wat er gebeurd was. Ze waren intens verdrietig omdat hun Heer als een misdadiger gedood was. En ja, toen kwamen de verhalen dat Hij uit de dood was opgestaan. Ze hadden het lege graf gezien met de linnen doeken netjes opgerold. Als een soort voetafdruk van de verrijzenis. En ze hadden de boodschap van de vrouwen die vertelden dat zij Jezus gezien hadden. Maar al deze verhalen brachten hen alleen maar meer in verwarring. Ze hadden er de woorden niet voor om dit te zeggen. Ze waren daarnaast ook doodsbang, vandaar dat zij de deuren goed op slot hadden gedaan omdat de mensen die Jezus hadden gepakt nu ook achter hen aan zouden kunnen gaan zitten.

En dan opeens verschijnt de Heer, terwijl de deuren toch goed op slot zaten. Ze herkenden Hem aan zijn stem en aan het gebaar dat Hij altijd maakte: ‘Vrede zij u!’. En ze zagen ook de littekens in zijn handen en in zijn zijde. Er was geen twijfel mogelijk. Dit was de Heer die kortgeleden nog aan het kruis geleden heeft. Hun angst slaat om in een soort merkwaardige vreugde. Want als Jezus verrezen is, dan hebben het kwaad en de dood dus niet het laatste woord over ons leven. Als dat zo is, dan… Ja, dan wil je dat wel gaan vertellen. Aan de hele wereld liefst. Al weet je niet hoe. En dan blaast Jezus de heilige Geest over hen uit om die boodschap nu dan ook te gaan verkondigen en het voor altijd levend te houden in de leerlingen en in de Kerk, tot op de dag van vandaag. Maar Hij voegt er nog iets aan toe: ‘Als jullie iemands zonden vergeven, dan zijn ze vergeven!’.

‘Als jullie iemands zonden vergeven, dan zijn ze vergeven’. Het was dus niet te bedoeling dat deze opdracht op een soort bijltjesdag zou uitlopen. Zij mochten dus niet triomfantelijk de straat op gaan en een lange neus trekken naar de mensen die een paar dagen geleden nog allemaal geroepen hadden ‘Aan het kruis met Hem!’. Nee, ze moesten de mensen laten horen dat Jezus die zij gekruisigd hadden, verrezen is, en ze moesten daarbij vertellen dat God hen vergeven wil. Geen bijltjesdag dus, maar barmhartigheid. Pasen is de overwinning van de goddelijke barmhartigheid. En dat betekent: jij hoort erbij, ook al heb je het verknoeid. Er is bij God altijd vergeving mogelijk.

De heilige paus Johannes Paulus II heeft in het jaar 2000 bij de heiligverklaring van zuster Maria Faustina Kowalska bepaald dat deze tweede zondag van Pasen voortaan de zondag van de goddelijke barmhartigheid zou heten. Want barmhartigheid daar draait het toch eigenlijk ten diepste om, als we bedenken dat God in zijn goedheid zomaar zijn eniggeboren Zoon als Verlosser heeft gezonden. En als God zo barmhartig voor ons is, moeten wij dat ook voor elkaar zijn. Het is dan ook de opdracht van de Kerk om aan alle mensen te vertellen dat Jezus ook voor hen geleden heeft aan het kruis, en ook voor hen verrezen is. ‘Wiens zonden jullie vergeven, die zijn ze vergeven’. Dat is de genezende, verlossende kracht die van de Kerk mag uitgaan naar alle mensen.

Maar dan past ook in eigen kring geduld en barmhartigheid. Wanneer de leerlingen Tomas vertellen dat ze Jezus gezien hebben, dan schudt hij zijn hoofd. Dat kan hij niet geloven! ‘Zolang ik in zijn handen niet het teken van de nagelen zie, en mijn vinger in de plaats van de nagelen kan steken en mijn hand in zijn zijde leggen, zal ik zeker niet geloven’, roept hij uit.
Is dat zo vreemd? De andere apostelen hadden natuurlijk kunnen zeggen: Jammer Tomas, maar mensen die twijfelen aan onze boodschap kunnen we niet gebruiken. Jij hoort niet meer bij ons! Maar dat hebben zij niet gedaan. Ze sluiten Tomas niet buiten. Hij blijft welkom in hun kring. En als ze de volgende zondag weer bijeen zijn ontmoet Tomas persoonlijk de verrezen Heer en komt hij tot echt geloof in Hem.

Conclusie: het is de taak van ons als Kerk en als gelovigen om niet ten koste van alles de waarheid te willen verdedigen, maar om mensen binnen en buiten de Kerk bij Jezus Christus te brengen. Iedere mens moet de kans hebben te groeien in het geloof. Jongeren die aan het begin van hun leven staan en ouderen die misschien een tijdje een andere weg kiezen, als een mens maar bij Jezus uit kan komen.

Want als we echt als geloofsgemeenschap leven met Jezus de Verlosser als de levende in ons midden, als bron van onze liefde en barmhartigheid, dan zullen mensen daardoor uiteindelijk aangetrokken worden om die Heer Jezus de Verlosser te ontdekken en te leren kennen. We mogen blij zijn dat Jezus altijd in ons midden is. En dat is ook de enige reden om Kerk te zijn in de wereld. Een blije, moedige, geloofwaardige, aantrekkelijke Kerk die mensen dichter bij Jezus brengt.

Amen.
© 2017 Sandor Koppers