Home » Preekarchief » Preken 2017 » 23 juli 2017

23 juli 2017

OVERWEGING ZESTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR,
ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE, 23 JULI 2017
(Wijsh. 12,13.16-19 en Mt. 13,24-30)(A)

Ik heb de afgelopen dagen weer tal van helden gezien. Tal van parochianen en vrienden die via Facebook mij en de wereld getuige lieten zijn dat zij een zoveelste Vierdaagse Kruisje in ontvangst mochten nemen. En dus lieten zij zich zelf fotograferen met gladiolen in de hand en het speldje op de borst.

Heden ten dage beschikken wij dus over talloze communicatiemiddelen. We kennen WhatsApp, Facebook, Instagram en ga zo maar door. In een mum van tijd kan iedereen zijn mening, zijn foto of filmpje op het internet zetten en zo een bijdrage leveren aan onze samenleving. In de tijd van Jezus was dat natuurlijk anders. Toen kon bijna niemand lezen of schrijven en was er geen internet, drukpers of wat dan ook. Toen was een boeiende toespraak een goed middel om een boodschap over te brengen. En dat is wat Jezus dan ook telkens doet als Hij zijn leerlingen een gelijkenis vertelt. Met een pakkend voorbeeld het onderwerp aansnijden in de hoop dat de toehoorders het doel waar het over gaat begrijpen. De gelijkenis over het zaad in de akker is zo’n middel. Jezus gebruikt het om zijn leerlingen iets over het Rijk der hemelen te leren.

We kunnen ons voorstellen dat de leerlingen van Jezus begeesterd waren door Hem en dat zij warm en vrolijk werden van de gedachte dat uit iets kleins en onooglijks iets groots zou kunnen groeien. Hoogstwaarschijnlijk betrokken zij dat ook op zichzelf.
‘Geef niet op’, hoorden zij Jezus zeggen. Maar ook: ‘Heb geduld’. De leerlingen waren mogelijk zo enthousiast dat zij onmiddellijk werk wilden maken van het Godsrijk door zelf alvast de zondaars om hen heen van de rechtvaardigen en heiligen te scheiden. We kunnen het ons misschien wel voorstellen hoe zij enthousiast door elkaar heen praatten en elkaar overtroefden in dadendrang. En dan, op dat moment, reageert Jezus door middel van deze gelijkenis: ‘Heb geduld, lieve mensen. Goed en kwaad zullen samen blijven bestaan. Het komt jullie, lieve leerlingen, niet toe daar een einde aan te maken. Jullie kunnen trouwens niet eens echt een goed onderscheid maken tussen de ‘goeden’ en de ‘kwaden’. Het is aan God alleen om daar een oordeel over te vellen’. Jezus pakt hen dus eigenlijk eventjes bij hun nekvel en zet ze weer op hun plaats dichtbij Hem.

Heb geduld. Geduld is een schone zaak. U kent het spreekwoord. Maar wat zouden we graag de verantwoordelijken van het neerhalen van het vliegtuig boven de Oekraïne, de MH17, niet nu al voor het gerecht willen slepen?! Dat willen we nu, op dit moment. Terwijl het onderzoek nog niet eens is afgerond. Dus zullen we nog even geduld moeten hebben tot alle onderzoeksresultaten op tafel liggen. Maar ja, dat kost tijd. Dat kan nog maanden of jaren duren. Als de waarheid al ooit helemaal boven tafel komt. Geduld is daarom vaak moeilijk op te brengen. Want al te vaak gaat het ons niet snel genoeg en nemen we het heft liever in eigen hand, dan staan wij met ons oordeel klaar en verdelen wij de mensheid gelijk in goede en in slechte mensen.

Geduld en tot tien tellen is echter op de lange duur het beste. Het is terecht uit beschavingsoogpunt, het is terecht uit humanitair oogpunt en het is terecht uit Bijbels oogpunt. Dat leren de schriftlezingen van vandaag ons tenminste. Die spreken over het geduld en de mildheid van God. Over de ‘kans tot inkeer’ en over het onkruid dat samen met de tarwe mag opgroeien.

Mensen van alle tijden hebben God vaak voorgesteld als streng en straffend en wrekend. De auteur van het boek der wijsheid zag dat heel anders. God is bij hem mild en meevoelend, die met zachte hand zorg draagt voor allen en alles. Die geen onverbiddelijke, straffende God is, maar één die steeds kans tot inkeer biedt. En wij? Wij zouden volgens Hem ook zo moeten zijn: vriendelijk en menslievend als God zelf.

Jezus verwijst in de parabel van het onkruid tussen de tarwe eveneens naar God en voegt daar aan toe dat oordelen in feite geen mensenwerk is. Want zolang wij hier op deze aarde zijn, schuilt er in ons zowel de zaaier van het goede zaad, maar ook de man die in de nacht stiekem onkruid uitzaait op de akker van een ander. En we lijken wel eens op de knechten die overijverig het onkruid het liefst onmiddellijk en direct tussen de tarwe uit willen wieden en soms hebben we ook wel eens iets van de heer van de oogst die zegt: ho, ho, kalmpjes aan, voorzichtig met de schoffel, denk alsjeblieft aan mijn tarwe!

We kunnen ons als we eerlijk zijn met hun allemaal identificeren. Want goed en kwaad zijn allebei in onszelf aanwezig. Veel van wat wij met de beste bedoelingen doen, heeft ook een schaduwkant. Het heeft vaak twee gezichten. Goed en kwaad zijn in onze wereld als een bord spaghetti met elkaar verbonden. Ze wisselen elkaar met de regelmaat van de klok af: goed en kwaad, succes en mislukking, vreugde en verdriet. Het is nooit helemaal wit of nooit helemaal zwart, het is vooral grijs. En daarom is geduld, is afstand en objectiviteit geboden.

Pleit dat ons vrij van verdere inspanningen om het kwaad te bestrijden? Nee, natuurlijk niet! Goed is goed en kwaad is kwaad. Het goede dient bevorderd te worden en het kwaad dient te worden tegengegaan. Verantwoording afleggen en vergelding. Dat geldt voor de daders achter het neerhalen van het vliegtuig in het groot, maar dat geldt ook voor mij en u in het klein. Maar nooit compleet uitwieden of op de brandstapel gooien! Er bestaat namelijk ook nog zoiets als een nieuwe kans geven. Dat is geen laksheid of onverschilligheid, maar man en paard durven noemen en toch ook geduld uitoefenen en ‘wachten tot de oogst’. Groeikansen geven aan het zaad. Want het goed en het kwaad schuilt ook in ons en pas als we dat weten en mensen zijn geworden met een hart zal God ons tot volmaaktheid brengen. Tot dat moment wacht God, de Heer van de oogst.

Amen
© 2017 Sandor Koppers