Home » Preekarchief » preken 2018 » 11 maart 2018

11 maart 2018

OVERWEGING VIERDE ZONDAG VAN DE VEERTIGDAGENTIJD, ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE

(2 Kron. 36,14-16.19-23 en Joh.3,14-21)(B)

Vrienden delen de diepste geheimen met elkaar. Zo hoort het denk ik te zijn in een goede huwelijksrelatie en in een goede vriendschapsband tussen mensen in het algemeen. Want waar mensen iets kostbaars met elkaar delen worden ze sterk en krijgen zij kracht en troost. Waar wij vandaag getuige van zijn is het feit dat Jezus Nikodemus zijn diepste geheim vertelt. Hij vertelt hem niet de laatste roddel of een of andere grap, neen, Hij geeft Nikodemus iets mee wat hem en eigenlijk iedereen zal moeten troosten en helpen. Jezus zegt hem: ‘Zozeer immers heeft God de wereld liefgehad dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven, opdat ieder die in Hem gelooft niet verloren zal gaan, maar eeuwig leven zal hebben’.

Dit zijn nu eigenlijk de woorden die op een tegeltje moeten worden gezet en in elk huis aan de muur moet hangen. Dit zijn nu eigenlijk de woorden die elke christen uit zijn hoofd moet kennen en die elke christen op elk uur van de dag voor zichzelf zachtjes moet kunnen uitspreken. Want deze woorden zijn een medicijn voor de ziel: God heeft de wereld liefgehad en ieder die in Hem gelooft zal niet verloren gaan, maar eeuwig leven bezitten. God heeft mij lief en als ik in Hem geloof, zal ik niet verloren gaan. Jezus vertrouwt ons, Jezus vertrouw mij dit geheim toe en ik kan het mij elke dag weer in herinnering roepen. Als ik het moeilijk heb, dan kan ik mij eraan vastklampen. Of als een ander het moeilijk heeft, kan ik hem of haar daar misschien mee helpen en troosten. En Jezus noemt iedereen die dit geheim in zijn hart bewaart en erover nadenkt en eruit leeft, zijn vrienden! Hij noemt mij zijn vriend! En Hij deelt dit geheim met mij.

De aanleiding is de bijzondere ontmoeting met Nikodemus. In het geheim, in het donker bezoekt Nikodemus Jezus. Nikodemus is een hotemetoot. Hij behoort tot de religieuze elite van die dagen, de Farizeeën. Maar uit vrees dat zij hem als een overloper of verrader zouden zien, houdt hij zijn mond over zijn sympathie voor Jezus, althans in het openbaar. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan, en dus zoekt hij toch een weg om Jezus van zijn bewondering op de hoogte te stellen. Hij kan het gewoon niet voor zich houden. Op een of andere manier moet hij Jezus dit vertellen. Maar het is op eieren lopen, dus heel voorzichtig wacht hij zijn kans af om Hem in het donker te bezoeken. Hij klopt bij Jezus aan, die ook alleen is. Het is een uniek moment en Nikodemus moet erg naar dit moment hebben uitgekeken. En Nikodemus begint met het uitspreken van zijn bewondering voor Jezus, want dan zegt hij: ‘U moet wel door God gezonden zijn, want alleen met Gods hulp kan iemand de dingen doen die U doet!’. Het lijkt wel of wij hier een trouwe fan horen van een hedendaagse popster. Die wil ook laten merken dat zijn idool zo belangrijk voor hem is. En zo wil Nikodemus aan Jezus laten zien dat Jezus hem geraakt heeft. Nikodemus durft het nog niet aan de wereld te vertellen, maar aan Jezus wel!

In feite voelde Nikodemus zich natuurlijk in tweeën gesplitst tussen loyaliteit aan zijn collega’s en zijn diepe bewondering van Jezus. Maar nu is het hoge woord eruit! Wat er nu verder gaat gebeuren, kan hem niets meer schelen.

En het mooie is dat Jezus zelf ook verlangen heeft om bij Nikodemus te zijn en te zeggen: ‘Jij bent ook een kind van God’. Het is een wederzijdse liefde. Nikodemus is veilig bij Jezus en Jezus vindt het fijn dat hij er is. Deze ontdekking maakt een nieuwe mens van Nikodemus. God heeft hem bij de kraag gevat en hem uit de gesloten wereld van het ongeloof overgebracht naar de open wereld van het geloof. En dit is het werk van de heilige Geest.

En als teken van zijn vriendschap met Nikodemus neemt Jezus hem in vertrouwen. Hij vertrouwt hem een geheim toe. ‘Denk aan de koperen slang die door Mozes in de woestijn werd omhoog geheven’, zegt Jezus, ‘ieder die daar naar keek en zijn hoop op vestigde werd genezen. En zo zal ook de Mensenzoon omhoog geheven worden om alle mensen te verlossen van de macht van de zonde’. En later, als Nikodemus getuige zal zijn dat Jezus gekruisigd wordt, dan zal hij zich deze woorden herinneren. En dan komt het eropaan dat hij Jezus niet teleurgesteld de rug toekeert, maar trouw blijft en gelooft. Want dan pas zal hij ten volle delen in het leven van Jezus waar zonde en dood geen macht meer hebben. En dat niets of niemand hem ooit nog zal kunnen scheiden van de liefde van God.

En wat zeggen deze woorden ons? Wat hebben wij eraan? Zoals ik al zei geven deze woorden troost en kracht, want zij geven mij de zekerheid dat God van mij houdt, dat ik kind van God ben. En iedereen die dit geheim van het kruis in zijn hart bewaart en erover nadenkt en eruit leeft, die noemt Jezus zijn vrienden. Want vrienden delen de diepste geheimen met elkaar. Moge onze vriendschap met Jezus dan ook versterkt worden. En laten wij door die vriendschap niet aarzelen ons hart voor Jezus uit te storten zoals Nikodemus deed. Want vrienden zoeken elkaar graag op en blijven vrienden voor altijd en eeuwig.

Amen.
© 2018 Sandor Koppers