Home » Preekarchief » preken 2018 » 26 augustus 2018

26 augustus 2018

OVERWEGING EENENTWINTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR, ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE

(Jozua 24,1-2a.15-17.18b en Joh. 6,60-69)(B)
De Heer spreekt vandaag controversiële woorden. ‘Deze taal stuit iemand tegen de borst’,  horen we dan ook veel van de leerlingen van Jezus zeggen. Daarmee wordt gedoeld op wat de Heer vorige week in het evangelie aangaf, toen Hij zei dat Hij het levende brood is dat uit de hemel is neergedaald en dat men dient te eten om in eeuwigheid in leven te kunnen blijven. Hijzelf is dat levende brood en met elk woord dat Hij spreekt kunnen wij ons geestelijk voeden, maar we mogen er ook het sacrament van de eucharistie in herkennen.

De Heer vraagt van mensen niet dat zij volmaakt zouden zijn. Geen mens is immers in staat de wet van God voor de volle honderd procent na te leven. Nee, het is niet op eigen kracht dat de mens het eeuwige leven zou bereiken; alleen door middel van Gods genade kan dit verkregen worden.

In het evangelie horen we verder dat velen, wellicht ontmoedigd, afhaken. Ook in onze tijd zien we dat heel vaak gebeuren. Deze week heb ik in ieder geval drie uitschrijvingen ontvangen. Niet moeilijk om te raden waarom deze mensen dat besloten hebben en waarom velen dat aan het overwegen zijn.

Want als er ooit een tijd is geweest voor een gedemoraliseerde katholiek om de Kerk te verlaten dan is het nu wel naar aanleiding van de recente rapporten over het wangedrag van priesters en religieuzen en andere vertegenwoordigers van de Kerk in de VS, Chili, Ierland, Australië en wat er nog allemaal naar buiten komt over Polen, de Filipijnen, Italië en Afrika. Zoals het rapport van de Grand Jury in Pennsylvania zo pijnlijk openbaarde: het misbruik was niet een aberratie van een enkele gestoorde geest of een geïsoleerd geval, neen, meer dan 300 priesters waren er in de loop van de jaren bij betrokken en meer dan 1000 kinderen slachtoffer. En dan lees je over voorbeelden waarbij het misbruik door groepen priesters bijna systematisch leek te geschieden via onderlinge cynische afspraken. Het is te verschrikkelijk voor woorden. En de bisschoppen of oversten die misbruikgevallen onder het vloerkleed schoven om de goede naam van het instituut, het seminarie, de school of de Kerk te redden, terwijl zij wisten wat er gebeurde! Genoeg reden om hard weg te lopen! Terwijl de Kerk de plaats moet zijn waar je je thuis voelt en veilig voelt of je nu jong of oud, ziek of gezond bent.

De Kerk is altijd een gebrekkig, zondig en menselijk instituut geweest gevuld met duisternis en licht. Heilig en zondig tegelijk zoals het Tweede Vaticaans Concilie ook zegt. Dat heilige vinden we allemaal prachtig, maar dat zondige doet ontzettend veel pijn. Het leidt tot verlies van geloof in God en in de priesters en bisschoppen, de mensen die je juist het meest moet kunnen vertrouwen. En die de mensen bij God moeten brengen.  Dus hoe, hoe kunnen wij hieruit komen?

Natuurlijk, er zijn de afgelopen jaren al tal van maatregelen genomen en er wordt, als ik het goed heb begrepen, wereldwijd een totaal zero-tolerance beleid gevoerd. En de meeste misbruikgevallen zijn van jaren her. Maar we zijn er nog lang niet. De paus roept in zijn brief van deze week het hele volk van God op tot berouw en boete. Alle gedoopten moeten zich betrokken voelen bij de kerkelijke en sociale verandering die zo hard nodig is. Want er bestaat geen bekering van de Kerk zonder de actieve deelname van alle leden van Gods Volk. De kerkgeschiedenis leert ons dat telkens wanneer er een soort proces van sektevorming plaatsvond, dat het dan het fout af liep. Paus Franciscus wijst dan ook op het verband tussen klerikalisme en seksueel misbruik en machts- en gewetensmisbruik. En klerikalisme komt van twee kanten: van priesters die zichzelf beter wanen maar ook van gelovigen die alles van priesters pikken. Het leidt tot een grote wond in het kerkelijk lichaam die veel van het kwaad dat we vandaag veroordelen, bevordert en in stand houdt, aldus paus Franciscus. Daarom kunnen we op dit kwaad, dat zoveel levens verduisterde, alleen maar samen antwoorden door het te beleven als een taak die ons allemaal aangaat, als het Volk van God. Dit besef deel uit te maken van een volk met een gedeelde geschiedenis zal ons in staat stellen om met een berouwvolle openheid onze zonden en fouten uit het verleden te erkennen om van binnenuit vernieuwd te worden. Zonder de actieve deelname van alle leden van de Kerk zijn alle inspanningen om de cultuur van misbruik in onze gemeenschappen te vernietigen en een proces van verandering tot stand te brengen, tevergeefs.

‘Als één lid lijdt, delen alle ledematen in het lijden’, zei St. Paulus. Door een houding van gebed en boetedoening stemmen we ons als individu en als gemeenschap af op deze oproep, zodat we groeien op het gebied van mededogen, rechtvaardigheid en preventie. Maria koos ervoor om aan de voet van het kruis van haar Zoon te staan. Zonder aarzeling stond ze vastberaden naast Jezus. Zo had ze haar hele leven gedaan. Als wij verwoesting voelen veroorzaakt door kerkelijke wonden, doen we er goed aan om met Maria meer te bidden, om des te meer te groeien in liefde en trouw aan Jezus en aan de Kerk. Zij, de eerste van de leerlingen, leert ons allen als leerlingen hoe we moeten halt houden bij het lijden van onschuldigen, zonder excuses of lafheid.

En dat is wat Simon Petrus ook aan Jezus antwoordde toen die hem vroeg of ook hij niet weg wilde gaan: ‘Heer, naar wie zouden wij gaan? Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven en wij geloven en weten dat Gij de heilige Gods zijt’. Petrus en de zijnen gingen er toen voor. Zij zouden het later niet gemakkelijk krijgen. De meesten van hen zouden zelfs de hoogste prijs moeten gaan betalen, maar ze waren ervan overtuigd dat de Heer hen niet zou teleurstellen. Hun geloof gaf de doorslag. Dat zo’n geloof ieder van ons gegeven mag zijn.

Amen.
© 2018 Sandor Koppers