Home » Preekarchief » Preken 2015 » 17 mei 2015

17 mei 2015

OVERWEGING ZEVENDE ZONDAG VAN PASEN,
ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE, 17 MEI 2015
(Hand. 1,15-17.20a.20c-26 en Joh. 17,11b-19)(B)

Weet u wat onze tijd en onze Kerk nu het hardste nodig heeft? Leuke, levenslustige, intelligente mensen! Mensen die niet meehuilen met de wolven in het bos dat het allemaal zo slecht gaat of dat het toch geen zin meer heeft, maar die vertrouwen hebben en de goede zaak van het evangelie aan de man durven brengen.

Deze mensen hebben wij hard nodig die met beide benen in de wereld staan, maar die niet van de wereld zijn. We hebben mensen nodig die anders durven zijn. De groep leerlingen van Jezus tussen Hemelvaart en Pinksteren was aanvankelijk niet bepaald een vrolijke, zelfverzekerde boel. Men klitte wat bij elkaar. Er ging nog geen kracht, nog geen enthousiasme vanuit. Zij waren op dat moment nog verre van leuke, levenslustige en ondernemende mensen. De Geest was nog niet waardig over hen.

Met honderdtwintig personen zijn ze bijeen. Gelukkig is er één onder hen die geen genoegen neemt met dat niets-doen. Hij springt op, en zegt: Beste mensen, laten we eerst onszelf als groep herstellen. Wij, apostelen, waren met twaalf. Jammer genoeg zijn we er één kwijtgeraakt, maar laten we in zijn plaats daarom een ander aanstellen. Iemand die de Heer tijdens zijn leven zelf heeft gekend. En zo wijzen zij na gebed en lot Mattias aan. Met hem is het college van apostelen weer op volle sterkte.

We weten niet of Mattias een leuk, intelligent iemand geweest is. Maar dat hij in de verkiezingsstrijd mocht meedoen suggereert dat hij vast een sterke persoonlijkheid geweest moet zijn. En niet een dooie diender. Er gaan wel wat legendes over hem rond. Zo zou hij in opdracht van de Romeinse landvoogd de troonopvolger van koning Herodes hebben vermoord en door collega-apostel Andreas uit de handen van kannibalen zijn bevrijd en ten slotte zou hij zijn gestenigd en onthoofd. Als je dit zo hoort duidt dat zeker niet op een risicomijdende grijze muis, die Mattias. Er ging wel wat sprankelends en inspirerends van hem uit: een ondernemende persoonlijkheid dus.

Dit soort mensen zouden wel eens cruciaal geweest kunnen zijn in de eerste jaren van het christendom en zij hebben hoogstwaarschijnlijk een geweldige stimulans gegeven aan het vormgeven van die jonge Kerk.

Maar het bleef niet bij vormgeven en organiseren alleen. Gelijktijdig vond er ook een geweldig bezinningsproces plaats. Zo vroegen zij zich af: Wat moeten we verkondigen? Wat moeten we doen? Hoe moet onze houding zijn tegenover de wereld waarin we de boodschap van Jezus gaan verkondigen?

Op dit soort vragen zocht de jonge Kerk antwoord. En ze zochten het antwoord waar ze het moesten zoeken: bij de woorden van hun Heer Jezus zelf. En dan herinnerden zij zich dat Hij bij het Laatste Avondmaal voor hen gebeden had: ‘Vader, Ik bid niet dat Gij hen uit de wereld wegneemt’. We hoorden deze woorden zojuist. Het werkeloos bij elkaar klitten, is niet wat Hij wil. Zich afsluiten van de wereld is ook niet wat Jezus wil. Jezus heeft voor de verbreiding van de blijde boodschap liever leuke, levenslustige en ondernemende mensen, zoals Hij zelf was. En geen zeurpieten of angsthazen.

En zij herinnerden zich ook nog dat Hij bad: ‘Zij zijn niet van de wereld, zoals Ik niet van de wereld ben’. Wel in de wereld dus, maar niet van de wereld. Ook hierin kunnen wij weer een verwijzing zien naar de profielschets van de leerlingen van Jezus: wel in de wereld, maar niet van de wereld, dus per definitie een tikkeltje anders, een tikkeltje haaks op de hoofdstroom, per definitie altijd een beetje vreemd, een vreemdeling in de wereld. Misschien voor sommigen een beetje raar en daardoor afstotend, maar voor anderen juist prikkelend en aantrekkelijk.

Als wij naar onze huidige kerkelijke situatie kijken zitten we midden in een groot veranderingsproces. Hier in onze parochie verlaten wij binnenkort de Drieklank in Almere Buiten en binnen niet al te lange tijd de Goede Rede en de Lichtboog. Het is een proces van sanering en reorganisatie. Maar ook een proces van opbouw en toekomstgerichtheid met de bouw van een nieuw kerkgebouw. Want naast de noodzakelijke kostenbeheersing gaat dat eigenlijk maar om een ding: hebben wij voor de buitenwereld de uitstraling dat onze Kerk de plaats is waar je moet zijn? The place to be! Zijn wij met andere woorden een frisse, ondernemende, levenslustige en prikkelende gemeenschap die een boodschap heeft voor de wereld? Of zijn wij alleen maar met onszelf bezig?

En daarvoor is dus net als toen bezinning nodig. Wat maakt ons anders? Wat maakt ons de moeite waard? Waarin schuilt onze eigenheid? Waar halen wij onze kracht vandaan? Het antwoord op die vraag is duidelijk: bij Jezus. En bij zijn verbondenheid met de Vader, met het doen van de wil van de Vader, want dat deed Jezus ook. Alleen op zo’n manier kunnen wij anders zijn. We leven wel in de wereld, maar wij zijn die wereld niet toegewijd, want wij zijn God de Vader toegewijd. Op wat Hij wil en vraagt richten wij ons. En dat vraagt lef en durf. Je moet niet bang uitgevallen zijn, maar vol avontuurlijkheid en vrolijkheid de hand aan de ploeg durven slaan en mee willen werken aan de oogst. Het vraagt om mensen die zich open durven stellen voor de Geest.
Kom, heilige Geest, kom.

Amen.
© 2015 Sandor Koppers