Home » Preekarchief » Preken 2015 » 26 april 2015 Gezinsviering

26 april 2015 Gezinsviering

OVERWEGING GEZINSVIERING,
ST. BONIFATIUSPAROCHIE, ALMERE, 26 APRIL 2015

Namen noemen van kinderen die voor mij zitten!

Als ik jouw naam noem, N., dan luister jij en dan kijk je op. Ik noem jouw naam en ik kijk jou aan omdat ik jou ken. Ik weet bijvoorbeeld hoe je heet en soms weet ik waar jij woont. En soms ben ik misschien wel eens bij jou thuis geweest. Maar vaak ook niet. Dan weet ik alleen jouw naam. En meer niet. Ik weet dan bijvoorbeeld niet op welke school je zit of welke hobby’s je hebt of hoe jouw vader of moeder heten. Je zou dus kunnen zeggen: de pastor kent mij wel bij naam, maar weet echt niet alles van mij.

Ja, en op deze manier kennen wij een heleboel mensen. Op school, op onze clubjes en hier in de kerk: we kennen veel mensen bij naam en veel andere mensen kennen wij alleen van gezicht (ja, die zit altijd daar en daar, maar hoe zij heet, weet ik niet, zeggen we dan). En meer niet. Soms schrikken we dan als we iets naars over die persoon horen en dan leven we met die man of vrouw mee, maar verder gaat ons leven gewoon door. Ja, ik denk dat het zo ongeveer in elkaar zit.

Om iemand echt goed te leren kennen moet je heel veel tijd met die persoon doorbrengen. En dan kom je vanzelf achter de leuke kanten van die persoon, dat je altijd met hem kunt lachen of dat hij heel slim is of heel behulpzaam. En je komt dan ook achter de minder leuke kanten van die persoon: dat hij soms onaardig is of wel eens heel verkeerde dingen doet. Ja en dan denk je misschien: ik ga maar minder met hem om, want dat vind ik toch niet zo leuk.

Nu hoorden wij zojuist de twee verhalen over schapen en hun herder. Het eerste verhaal speelde deze week in de kinderboerderij hier vlakbij. Het tweede verhaal speelde in de tijd van Jezus. En over dat verhaal wil ik even met jullie gaan nadenken. Wat schapen zijn dat weten wij natuurlijk. En uit het verhaal over die kinderboerderij weten we ook dat schapen en lammetjes heel kwetsbare dieren zijn die snel de weg kwijt raken of door een dief gepakt kunnen worden. Een goede herder is dus heel belangrijk. Want om te beginnen kent die herder de schapen en lammeren en hij zorgt voor hen. En als het dan goed is, komt alles op z’n pootjes terecht.

Maar nu doet zich het probleem voor dat er ook slechte herders zijn. Herders die helemaal niet van de schapen en lammetjes houden, maar ze snel willen doorverkopen of willen opeten.
En ja, dit verhaal werd verteld door Jezus. Wat wil Jezus hiermee zeggen? Welk soort herder is Jezus denken jullie? Is Hij zo’n slechte herder die helemaal niet geïnteresseerd is in zijn kudde of is Hij een goede herder die alles over heeft voor zijn kudde? Dat laatste gelukkig! Jezus noemt zichzelf de goede herder omdat Hij van zijn schapen en lammetjes houdt en voor zorgt. Hij heeft alles voor hen over: zelfs zijn leven!

En ja, dat heeft Jezus zelfs nog gedaan ook toen Hij voor ons aan het kruis werd gehangen en werd gedood. Toen gaf Hij zijn leven voor ons, om ons te redden. En nou wil het toeval dat God, dat Jezus ons ook roept. Precies zoals ik N. geroepen heb. Alleen ik wist alleen de naam van een paar kinderen. God weet de naam van ons allemaal. En Hij weet ook precies wat je doet en wie je bent en hoe je vader en moeder heten. Dat weet God allemaal van ons. Omdat Hij van ons houdt. Helemaal. Met al onze plus- en minpunten. Wij mensen zeggen vaak: nou, daar heb ik geen zin in hoor. Dat zegt God niet. Hij blijft ons roepen en Hij blijft van ons houden.

Amen.
© 2015 Sandor Koppers