Home » Preekarchief » Preken 2020 » Overweging vierde zondag van de Advent

Overweging vierde zondag van de Advent

Het ‘ja-woord’ van Maria van negen maanden geleden, is de oorzaak dat we aanstaande vrijdag Kerstmis kunnen vieren

20-12-2020
Schriftlezingen: 2 Sam. 7,1-5.8b-12.14a.16; Rom. 16,25-27 en Lc. 1,26-38)(B)

Op deze laatste zondag voor het kerstfeest hebben we nog een keer  naar de Aankondiging van de engel Gabriël aan Maria geluisterd. Het ‘ja-woord’ van Maria van negen maanden geleden op 25 maart is de oorzaak dat we aanstaande vrijdag Kerstmis kunnen vieren, de geboorte van onze Verlosser, de Menswording van God zelf! Ik zeg met nadruk ‘kunnen vieren’, want deed God het scheppingswerk in het begin in zijn eentje, het verlossingswerk wil Hij samen met de mens doen! En inderdaad doet Maria mee! Zonder te begrijpen wat het betekent Moeder van God te zijn, zonder te begrijpen dat de heilige Geest over haar zal komen, zonder te begrijpen wat dit allemaal zal betekenen voor haar en de mensheid in z’n geheel. Een ‘ja-woord’ in het geloof, in totale overgave aan God en aan zijn plannen. Het is het maximum wat een mens kan doen in zijn relatie met God: jezelf helemaal overgeven aan zijn wil en er niets van begrijpen, alleen maar vertrouwen.

Dit ‘ja-woord’ heeft de Kerk altijd gezien als het grote voorbeeld voor het geloofsleven van een christen. Jezelf echt durven loslaten in zijn handen. Er is veel in een mens dat zich daartegen verzet. Nu wil God mens worden via Maria. Maar Hij wil ook mens worden door u en mij. Hij wil ook in ons geboren worden!

In onze rijke traditie heeft dit moment van het bezoek aan de engel ook altijd een belangrijke plaats gehad. Ook in het geloofsleven van simpele mensen. Drie keer per dag – ’s ochtends, ’s middags en ’s avonds, luidden veel kerken vroeger het Angelus. Drie pauzemomenten om stil te worden en de lezing van deze vierde zondag van de advent, die dus gaat over het bezoek van de engel Gabriël aan Maria biddend te overwegen. Gelovige mensen zien daarin de bron van onze verlossing en daar danken wij God voor en beseffen dat het nog steeds doorgaat, die menswording.

Het Angelusgebed kent drie stappen die ik toch weer eens onder de aandacht wil brengen, omdat het Angelusgebed ook een gebed is dat makkelijk te bidden is. De eerste stap is de aankondiging van de engel: ‘De engel des Heren heeft aan Maria geboodschapt, en ze heeft ontvangen van de heilige Geest’. God staat aan het begin en Hij komt naar de mensen toe. Dat is ook het bijzondere aan het christelijk geloof: niet alleen dat de mens God zoekt en Hem aanbidt, maar ook dat God zelf de mensen komt opzoeken. De hele Bijbel door. Dat zien we met Abraham, dat zien we met de bevrijding van het volk Israël uit de slavernij van Egypte. En nu komt God door middel van de engel Gabriël Maria opzoeken.

De tweede stap: ‘Zie de dienstmaagd des Heren, mij geschiede naar uw Woord’. Maria vraagt eerst hoe dit kan gebeuren omdat zij zich in de maagdelijkheid aan God had toegewijd. Zij stelt haar vragen en ze werkt mee op haar manier. Dat mag ook! God heeft ons verstand gegeven om vragen te stellen als wij die hebben. Maar aan het eind antwoordt Maria niet van wat ze begrepen had, want dat had ze begrijpelijkerwijs nauwelijks, en zegt ze: ‘Mij geschiede naar uw Woord’. Sommige mensen herkennen dit: zij zien dit als een werkelijkheid die hun verstand te boven gaat. Er kan iets in je leven gebeuren waarvan je zegt: hé!? En het antwoord van Maria is ruimhartig: zij wil God niet beperken op het kleine beetje wat zij wel kon begrijpen, maar Hem alle vrijheid en alle ruimte laten. Vandaar het ‘Mij geschiede naar uw Woord’, het moet maar gaan zoals U het wilt.

De derde stap: ‘En het Woord is vlees geworden, en Het heeft onder ons gewoond’. Deze zin uit de proloog van het Johannesevangelie, dat we op Eerste Kerstdag altijd lezen, geeft het mysterie aan dat zich op dit moment voltrekt: Het eeuwige Woord, God zelf dus, wordt mens! Het wordt vlees en bloed in Jezus die onder ons heeft gewoond en gewandeld.

Als gelovigen kunnen wij dit geheim alleen knielen en aanbiddend benaderen. We knielen voor de kribbe, we knielen in de kerstnacht en op Eerste Kerstdag als we in het credo het ‘Et incarnatus est’ bidden of zingen. Ja, dat is een gevoelskwestie, een geloofskwestie of je dan wel of niet knielt of stil wordt.

Als afsluiting van het Angelusgebed bidden we het openingsgebed van deze vierde zondag van de advent dat we vandaag hebben gebeden. Dan bidden wij: dat God zijn genade in onze harten wil storten opdat wij tenslotte tot de heerlijkheid van de verrijzenis mogen worden gebracht. Anders gezegd: we bidden dat God ook in ons mens mag worden, dat ook wij in eeuwigheid als kinderen van de hemelse Vader mogen leven. En zodoende betere mensen worden, doen de wil van de Vader en op Jezus lijken.
Ik wens u een goede voorbereiding op het Menswordingsfeest van God.

Amen.
© 2020 Sandor Koppers